Skip to main content

Auteur: Remco Lange

Weer een project afgerond ?

Onlangs kregen we de eindrapportage inzake de bouw van het ‘Koperasi’ gebouw in Manggung, Tileng. De eerste reactie is dan altijd een gevoel van trots en blijheid omdat er weer een project kan worden opgeleverd.

En ook hier is er weer alle reden om trots te zijn. Het is een prima bouwwerk geworden en voor het eerst op eigen grond. De aankoop van de grond, het weer en het feit dat Manggung vrij afgelegen is, hebben er voor gezorgd dat de bouw iets langer heeft geduurd dan gebruikelijk, maar het resultaat mag er zijn.

Het gebouwtje bestaat uit twee ruimtes.

Rechts is het kantoor. Hier zal de administratie worden gevoerd over de coöperatie, inclusief de ‘buffelbank’.

Links ziet u de opslagruimte. Hier worden alle voorraden van de coöperatie opgeslagen, zoals centraal ingekocht voer en supplementen voor ‘onze’ koeien en bijvoorbeeld mest voor de landbouw, maar ook geproduceerde waren, zoals rijst, meel, eieren, etc.

Maar toch is deze oplevering anders. Wanneer er een huis of een school wordt opgeleverd dan weten wij precies hoe het gebruikt zal gaan worden. Deze Koperasi is echter helemaal nieuw. De mensen van Manggung zullen er aan moeten wennen en vanaf nu meer en meer samen moeten doen. Ze zullen moeten gaan ervaren dat gezamenlijk optreden ook voor ieder individueel voordelen biedt.

Vandaar het vraagteken in de titel van dit verhaal. Eigenlijk is dit project niet afgerond, maar begint het pas.

Uiteraard zullen wij de gang van zaken in de Koperasi nauwlettend in de gaten blijven houden.

De “Spatclub” steunt

Vanaf 2002 steunen de leden van de “Spatclub” (dansclub) in Krimpen aan den IJssel Stichting Tileng. Zij dansen 8 avonden per jaar en collecteren op elke dansavond. In de afgelopen periode heeft dat weer een aardige duit opgebracht.

Het is weliswaar een druppel op een gloeiende plaat, maar alle beetjes helpen. Alle leden vinden het belangrijk dat de mensen op Java geholpen worden.

De “Spatclub” weet dat het geld via Stichting Tileng goed terecht komt.

Op de laatste avond van het seizoen 2009 – 2010 is er weer een Bingo gehouden, waarvan de opbrengst in zijn geheel ten goede komt van de projecten van de stichting. De prijzen, nieuwe niet gebruikte cadeaus en kerstgeschenken, die door donateurs, sponsors en familie gratis beschikbaar zijn gesteld voor de “Tileng-Bingo”, waren dit jaar ook weer niet mis.

Stichting Tileng zet hem op, de dansclub blijft jullie steunen in jullie geweldige werk.

Even voorstellen….

Het is donderdagmiddag 6 mei in Yogyakarta (‘Jogja’), Indonesië. Locatie: de faculteit Culturele Wetenschappen (Ilmu Budaya) van de Universiteit Gadjah Mada (UGM). Ik ben net een paar dagen koud ingevlogen vanuit Amsterdam en zit nu onder tropische omstandigheden tussen wat Indonesische studenten Antropologie in. Met mijn geringe kennis van het Bahasa probeer ik mezelf verstaanbaar te maken. Het lukt voor, ik schat, ‘dua puluh persen’ (20%). Na wat gestuntel met de taal, word ik meteen al door medestudent Jeri uitgenodigd voor een feest aan de voet van de vulkaan Merapi  morgenavond. Althans, dat denk ik. Vrijdagmiddag 7 mei. Daar sta ik dan met mijn mobieltje in mijn hand vragend aan Jeri wanneer hij mij vanavond komt oppikken. Ik heb mijn avondeten bij mijn ‘rumah kos’ al afgezegd en heb wat ‘kretek’ ingeslagen voor vanavond. Na wat doorvragen blijkt dat het feest pas morgenavond 8 mei is!. In mijn gedachten ga ik terug naar donderdagmiddag en ik hoor Jeri toch echt ‘sampai besok’ (tot morgen) zeggen. Mijn eerste praktijkles Indonesië is een feit. ‘Sampai besok’ betekent in Indonesië vaak niet letterlijk ‘de dag na vandaag’, maar kan net zo goed ‘volgende week’ betekenen. ‘Selamat datang di Indonesia!’.

Mijn naam is Jozef den Hollander, 26 jaar oud en master-student Antropologie aan de Universiteit van Amsterdam.  Voor mijn afstudeerproject wil ik binnenkort naar de drie plaatsen gaan waar Stichting Tileng al jaren actief is. Daar zal ik niet namens de Stichting Tileng, maar wel met behulp van de lokale vertegenwoordigers van de stichting, onderzoek doen naar de verschillende interacties tussen mensen in de desa’s. Waarom, vraagt u zich misschien af?. Ontwikkelingshulp is geen eenrichtingsverkeer en vindt niet alleen plaats tussen Stichting Tileng en de verschillende doelgroepen van de projecten. Er zijn meerdere mensen op het toneel die niet behoren tot de verschillende doelgroepen, maar die wel effect kunnen hebben op de resultaten van de projecten. De aanwezigheid van de projecten van Stichting Tileng in de desa’s gaat dus, zij het in meer of mindere mate, alle mensen van de desa’s aan!. Als student Antropologie ben ik vanaf het begin van mijn studie al zeer geïnteresseerd in ontwikkelings- en armoedevraagstukken. Met dit onderzoek hoop ik dan ook meer te weten te komen over de complexe werking van ontwikkelingshulp. In de toekomst probeer ik u meer te vertellen over mijn onderzoek, maar wanneer dat zal zijn……tja, ik kan hier in Indonesië alleen maar zeggen ‘sampai besok’!.

De lagere school in Pamijen is klaar !!

Verhaal mei 2011 CeesIn december 2008 was op onze website een verslag van mijn bezoek aan Baturraden, waaronder Pamijen valt, te lezen. Om de geheugens wat op te frissen hierbij een kort citaat:

“Maar dan de school; de tranen springen je in de ogen. Overal gaten in muren, ramen en plafonds. Het beton is te goedkoop uitgevoerd en valt uit elkaar. Het ijzer is onbeschermd en doorgeroest. En zelfs het asbest (!!) is er zo slecht aan toe dat er gaten in vallen.”

Sindsdien hebben wij u met enige regelmaat op de hoogte gehouden van de voortgang van dit project. Van het vinden van een sponsor voor de nieuwbouw van deze school tot mooie foto’s tijdens de bouw ervan.

Nu is het tijd voor het allerbelangrijkste nieuws: Hij is klaar!

Verhaal Pamijen april 2010 aWederom springen de tranen is je ogen, maar nu om een heel andere reden. De foto’s maken het succes duidelijker dan ik ooit zou kunnen.

De drie foto’s tonen de volledige school (van enige afstand), het schoolplein en één van de lokalen.

Onze voorzitter zal de school in juli, tijdens zijn bezoek aan Indonesië, de school officieel in gebruik geven. Hij zal daar ook ongetwijfeld verslag van doen. Wordt vervolgd.

 

 

Verhaal Pamijen april 2010 b

Vierde nieuwe woning in Imogiri

Zoals u misschien nog weet, zijn we direct na de aardbeving in 2006 in Imogiri begonnen met het bouwen van noodwoningen, in totaal 33 stuks. In 2008 is Stichting Tileng gestart met het bouwen van nieuwe permanente woningen. Inmiddels is daarvan het vierde exemplaar opgeleverd.

Met de van onze donateurs ontvangen middelen financiert Stichting Tileng zo’n permanente woning voor 100%. Het huis blijft eigendom van de stichting en wordt aan de bewoners verhuurd voor een bedrag naar draagkracht. Het is niet toegestaan dat gebruikte materialen door de bewoners worden verhandeld; daar tekenen ze ook voor. De nieuwe huizen zorgen er ook voor dat de mensen zich volledig kunnen richten op werk en inkomen. Ze hebben immers een kopzorg minder, zodat ze hun gezin kunnen onderhouden en hun kinderen redelijk onbezorgd naar school kunnen laten gaan. Wanneer er na verloop van tijd voldoende huurpenningen zijn binnengekomen, levert dat de financiële basis voor de bouw van een ander nieuw huis.

Stichting Tileng is trots op de tot nu toe behaalde resultaten, te meer als je bedenkt dat de nieuwe bewoners van dit huis jarenlang onder een tentzeil hebben gebivakkeerd. In maart jl zijn we begonnen met de “Estafette Woningbouw Imogiri”. Zie de thermometer op www.tileng.nl. In totaal zijn er nog 12 nieuwe woningen nodig. Voor een bedrag van nog geen € 7.000,- kan er al een nieuw huis worden gebouwd. Uw donaties zijn zoals altijd van harte welkom.

Celeanum sponsort Tileng voor minstens 1250 euro

De school, het gymnasium Celeanum, hield donderdag 15 april een sponsorloop. Het geld gaat naar Stichting Tileng.

Stichting Tileng is een organisatie die een aantal dorpen op het eiland Java steunt. De stichting heeft als doel de woon- en leefsituatie van deze dorpen te verbeteren.

De sponsorloop duurde een half uur. In deze tijd moesten alle deelnemers zoveel mogelijk rondjes van 500 meter rennen. Er waren ca. 80 deelnemers, van leerlingen tot docenten. Natuurlijk kwamen veel leerlingen supporten.

Net als de voorgaande jaren was de sponsorloop een groot succes. Het bedrag is nu al €1250,-, maar er wordt zeker meer verwacht. Het was een goede dag met een goed gevoel en een goede opbrengst voor de mensen in Tileng en voor ons.

3 luik

 

 

Inspiratie (7)

Vijf jaar geleden benaderde Ton Lange mij met het verzoek om ambassadeur te worden voor Stichting Tileng. Na enig nadenken besloot ik dat te doen en daar heb ik nog geen minuut spijt van gehad. Waarom? Door inspiratie. Het werk van Stichting Tileng inspireert mij en de projecten van de stichting inspireren vele anderen. Dat zijn in de eerste plaats de bewoners van de Javaanse desa’s waar de stichting zich voor inspant. De gedachte dat er in ons land mensen zijn die hen willen helpen aan een beter bestaan is een belangrijke inspiratiebron. Maar ook de wijze waarop Stichting Tileng hulp biedt vind ik inspirerend. Uitgaan van de wensen en noden van de lokale bevolking, maar ook van de mogelijkheden en de bereidheid die men daar zelf heeft om het eigen bestaan te verbeteren. De hulp die de stichting biedt sluit aan op wat de mensen daar zelf willen en zelf kunnen.

Ontwikkelingshulp is vaak teveel alleen maar een kwestie van een partij die geeft en een partij die ontvangt. Dat is een relatie die tot dankbaarheid verplicht en dat leidt juist niet tot wederzijdse inspiratie.

Van alle projecten van Stichting Tileng ben ik persoonlijk het meeste weg van de buffelbank. Die symboliseert heel sterk hoe met enige hulp van ons de dorpsbewoners daar op den duur zelfvoorzienend kunnen worden. Bovendien stoelt dit project op een zeer oude Javaanse traditie. Die ‘adat’ maakt de buffelbank tot een project dat direct aansluit op de vertrouwde Javaanse dorps- en familiecultuur. Kijk, dat inspireert.

Zo’n familiecultuur ervaar ik ook bij Stichting Tileng zelf. Volgens mij hebben de bestuursleden en vrijwilligers ook een soort familiegevoel. Tijdens de verschillende keren dat ik op de jaarlijkse benefietdag voor de stichting mocht optreden, bemerkte ik een gevoel van onderlinge verbondenheid. Niet alleen met de Tileng-projecten, maar ook met elkaar. Kijk, dat inspireert.

Als tekstschrijver en componist kan ik niet zonder inspiratie. Die krijg ik van mensen die ik ontmoet en gebeurtenissen die ik meemaak. Als muzikant voel ik hoe mijn teksten en muziek weer anderen inspireren. Die wisselwerking is voor mij een belangrijke levensbron. Inspiratie is iets wat je kan krijgen en wat je kan geven. Inspiratie is iets wat mensen met elkaar kunnen delen. Ik wens Stichting Tileng nog veel gedeelde inspiratie toe met hun werk voor de mensen in al die desa’s én met hun werk voor elkaar.

Salam manis

 

Inspiratie (6)

Wat inspireert mij in mijn werk voor Stichting Tileng? Die vraag heb ik mij inderdaad wel eens gesteld. Wat is de drijfveer om je in te zetten voor een stichting als Stichting Tileng? Ik denk dat er maar een antwoord past bij een vraag als deze, namelijk: passie. Passie voor het land en voor de mensen die er leven.

Passie voor een heleboel mooie dingen, die we daar met zijn allen al hebben kunnen realiseren. Nieuwe scholen bouwen, oude scholen renoveren. Huizen bouwen, met name in Imogiri na de aardbeving in 2006. Na de ramp hebben we direct kunnen helpen, mede dankzij de donateurs hebben we 35 tijdelijke huizen kunnen bouwen. Nu, inmiddels vier jaar later, wordt er nog steeds gebouwd aan huizen die toen zijn beschadigd. Nog steeds wonen er mensen in huizen die zwaar zijn beschadigd door de aardbeving. We hebben hier al heel veel aan kunnen doen, maar we zijn nog druk bezig iedereen in het getroffen gebied een goed onderkomen te bieden door het bouwen van nieuwe woningen. Vier zijn er inmiddels klaar. Er moeten er nog tien worden gebouwd.

Passie die ik mag delen met de leden van het bestuur, maar zeker ook met de donateurs die de stichting een warm hart toe dragen. Passie die je deelt met de mensen in Indonesië, onze vertegenwoordigers die zich dagelijks inzetten om de ingediende plannen goed en binnen het door hen zelf opgelegde budget te realiseren.

Allemaal belangeloos, zowel hier in Nederland als aan de andere kant van de wereld in Indonesië. Samen werken we aan iets moois, het einde is nog niet in zicht, we kunnen er nog zoveel doen.

Ook zijn er nog steeds kinderen die naar school moeten in een gebouw dat niet voldoet; lekke daken, kapot meubilair. En wat te denken van het buffelproject; inmiddels een groot succes in Manggung en omgeving. We zijn druk bezig om dit ook in Imogiri en Baturraden te realiseren. Ieder gezin een koe, hoe simpel kan het zijn? Iedere keer weer wordt de passie gevoed door goede berichten uit de desa’s. Simpelweg een mailtje met een foto. Een foto waarop blije kinderen staan die weer veilig naar school kunnen. Of een foto van een gezin voor het gerenoveerde huis. Op het gezicht een glimlach, niet alleen bij hen, maar ook bij mij. Iedere keer weer, als we een nieuw project hebben opgeleverd en we het resultaat mogen aanschouwen, dan ben ik trots dat ik daar deel van uit mag maken. Dat moet passie zijn. Voor mij het enige juiste antwoord.

Volgende week leest u over de inspiratie van onze ambassadeur Wouter Muller.

Inspiratie (5)

Toen ik vroeger klein was had ik één belangrijk lievelingsboek.  “Mensen, mensen, wat een mensen,” heette het. In dit kleurrijke prentenboek werd op zeer boeiende wijze uit de doeken gedaan hoezeer mensen op de wereld van elkaar verschillen. Naast klederdracht, feesten en andere gebruiken, werden ook de menselijke gelaatstrekken nauwkeurig met elkaar vergeleken. Zo stonden op een van de pagina’s tientallen neuzen, oren, ogen en monden afgebeeld. Uren kon ik daar naar kijken. Het fascineerde me mateloos.

Het was diezelfde fascinatie die me aanzette tot een studie Culturele Antropologie en tot het maken van verschillende verre reizen. Hoe verder, hoe beter, oordeelde ik. Als ik het verschil maar kon ervaren.

Naarmate ik ouder werd, ervoer ik naast deze fascinatie voor verschil ook een behoefte om bij te dragen. Dat moet onder andere voortgekomen zijn uit een besef dat we – waar ook ter wereld, hoe verschillend we ook lijken –  met elkaar verbonden zijn. Op mijn 18e werkte ik twee maanden in een weeshuis in Guatemala. Op mijn terugweg naar Nederland bracht ik een jongetje van negen maanden naar zijn adoptieouders in Denemarken. Dat was een van de meest bijzondere ervaringen in mijn leven. Het is een typisch voorbeeld van (mondiale) verbinding.

Toen Stichting Tileng via Remco Lange mijn leven in kwam, voelde ik direct dat er in zijn verzoek om vrijwilliger te worden voor de stichting meerdere dingen in elkaar vielen. Mijn fascinatie voor andere culturen en mijn behoefte tot bijdragen kon ik ditmaal samen brengen met het schrijven, mijn grootste passie.

Stichting Tileng doet er alles aan om op een gezonde en duurzame manier werelden met elkaar te verbinden. Wat mij het meeste inspireert is aan die verbinding bij te kunnen dragen door het inzetten van mijn passie.